Miesje Muis
Miesje Muis je kent haar wel,
houdt van zingen en van spel.
Springen doet ze ook heel graag.
maar houdt ook veel van geplaag.
Vrolijk als ze wakker wordt,
voor haar is de dag te kort.
Bij haar vriendje Maxie Muis,
voelt ze zich het beste thuis.
Hij staat altijd voor haar klaar,
lees de leuke versjes maar.
2
Miesje Muis heeft heel veel zin,
tikt met haar vinger op de kin.
Stampt met haar voet op de grond,
heeft een glimlach om haar mond.
Met haar handjes hoog in de lucht,
draait ze een rondje met een zucht.
Haar rode rokje gaat op en neer,
dansend door de kamer keer op keer.
Ze gilt het uit met veel plezier,
wat een lol heeft Miesje hier.
Miesje Muis heeft als vriendje Maxie Muis,
met hem speelt zij veel in het grote huis.
Maar ook buiten hebben zij dolle pret,
de toon is dus al gauw gezet.
Met veel gedans, gezang en gelach,
beleven zij weer een prachtige dag.
Vaak zijn ze vrolijk, soms hebben ze verdriet,
maar altijd blijven ze vriendjes zoals je ziet.
Miesje Muis en Maxie Muis,
samen met z’n tweetjes in één huis.
De regenboog
Miesje Muis rent heel snel,
naar Maxie Muis, in één tel.
Kom ga mee, roept zij parmant,
en neemt Maxie bij de hand.
Snel trippelen de muisjes,
ver weg van alle huisjes.
Naar een prachtige regenboog,
met alle kleuren heel, héél hoog.
Aan het eind staat een pot met goud,
wat als een sprookje wordt beschouwd.
Mmm, kaas!
Miesje Muis en Maxie Muis,
trippelen door het hele huis.
Via de kamer en de lange gang,
naar de keuken die is van belang.
Bovenop de koelkast ligt een stukje kaas,
ik ga klimmen roept Maxie Muis dwaas.
Langs de stoelpoot heel snel omhoog,
klimt hij op de tafel met een knipoog.
Maxie Muis springt op de koelkast,
en houdt juichend het stukje kaas vast.
Buikpijn
Maxie Muis heeft pijn in zijn maag,
hij lustte de kaas maar wat al te graag.
Met zijn handen op zijn buik,
kreunt hij zachtjes voor zich uit.
Zijn ogen heeft hij stevig dicht,
en zijn pootjes trillen licht.
Wat valt het eten Maxie Muis toch zwaar,
een kruimeltje kaas hangt aan zijn snorhaar.
Hij heeft geen trek meer in zijn avondeten,
zelfs de gaten in de kaas heeft hij opgegeten.
Kleurrijk
De zon is geel zegt Miesje Muis,
de lucht is blauw gilt Maxie Muis.
Het gras is groen, de ijsbeer is wit,
net zoals de tanden van je gebit.
Mijn jasje is paars lacht Maxie Muis,
mijn jurkje is rood giechelt Miesje Muis.
Een ring is van zilver en soms van goud,
het is maar waar jezelf van houdt.
Ik hou van jou fluistert Miesje Muis,
en ik van alle kleuren roept Maxie Muis.
De vijver
Miesje Muis kijkt vrolijk over het water,
er zwemt een witte eend met een grote snater.
er zwemt een witte eend met een grote snater.
De andere eenden zwemmen stil vooruit,
maar die ene eend houdt maar niet zijn snuit.
Kwaak, kwaak, kwaak, het gaat maar door,
Miesje Muis houdt haar hand tegen haar oor.
Snel gooit ze wat brood naar het luide dier,
die neemt een hap en kwaakt verder met plezier.
De andere eenden komen snel aan gezwommen,
en doen het luide gekwaak verstommen.
Reacties
Een reactie posten